Home » Articles posted by Leo Lousberg (Pagina 3)
Auteursarchief: Leo Lousberg
Musemen: Notatieperikelen
De interpretatie van de muzieknotatie is een van de grootste obstakels geweest voor de herontdekking van musemen. De klanken en de plekken van de codes sluiten namelijk niet aan op de schema’s en formules waaraan musicologen en hedendaagse zangers gewend zijn. Wat dacht je van kwarttonen (‘Arabische’ muziek) bijvoorbeeld? Hieronder staan op twee plekken tekens die kwarttonen weergeven: het ‘dubbele haakje’ boven Ve-ni en het enkele haakje boven osten-de.
Daar begint de eerste musicoloog al te mopperen. In zijn taal: “de eerste neume die je noemt, is een virga strata, dat is gewoon een verlenging van een toon, hier een fa.” De laatste neume van ostende kent hij wel (als hij zijn/haar vakliteratuur kent): de microtonale clivis die door Ike de Loos en Manuel Pedro Ferreira als microtonale tekens (voor kwarttonen dus) zijn beschreven in hun proefschriften (1996 en 1997). Maar hoe zit het dan met die virga strata? In mijn masterthese beschrijf ik hoe in fragmenten van een Utrechts antifonarium uit het eerste kwart van de 12e eeuw nog twee losse microtonale clives werden geschreven op plekken waar in latere handschriften een virga strata staat. Die werden later dus samengetrokken tot één neume, dat schreef handiger. Het derde teken staat boven ostende, dat is een quilisma, hier van re naar fa, beter bekend als van d naar f. Waarschijnlijk klonk dat als een soort glissando, maar daarover zijn de geleerden het nog niet eens.

Sophisticated Microtonal Horror and Four Devils in Qui Habitat
The second-mode tract Qui habitat is an overwhelmingly anxious chant. In verses 5 and 6, Evil appears in four metaphoric disguises. The auctor (my definition for the composer/writer/performer of medieval liturgical chant) highlights these disguises by microtones on the one hand. On the other hand, he/she neutralises an ellipsis between the two consecutive verses by an ingeniously placed quilisma-microtone combination. Impressive.
In this analysis, I concentrate on quartertones as intertextual links between the verbal and the musical text. In such context, quartertones have a function similar to words as paratext, which have their musical equivalent in parapitches: quartertones that signal rhetorical relevance in the verbal text. In the 500+ cases I analysed in seven manuscripts written between about 1000 and 1250 from Cluny in the south to Utrecht in the North all words highlighted by quartertones fit into the rhetorical schema of affect, logic and loci. Imagine a ringing bell at the moment a rhetorically important word was sung.
You may find my analysis as presented at Leiden University on November 30, 2018 here. Have a look at the technical analysis from my thesis here.